Weetgierig,
De oorkonde betreffende de schenking aan het klooster van Willibrord werd door Muller in “Het oudste cartularium van het Sticht Utrecht” gedateerd: 722, januari 1. Momenteel wordt aangehouden 723.
723. januari 1. Karel Martel schenkt aan het klooster dat gebouwd is onder de muren van het castrum Traiectum, waarvan bisschop Willibrord beschermheer is, de baten van de fiscus van dat castrum, tevens de graslanden van Graveningo; evenzo de villa, ofwel castrum, "Fethna" genaamd, gelegen in de pago Nifterlaco met alle aanhorigheden, zowel van de villa Fethnam castro als van het genoemde Traiectum castrum. Akte opgemaakt te Herstal. (Uittreksel).
A. Delahaye beweert dat Nifterlaco hier een plaats is en geen gouw, en dat Nifterlaco identiek is aan Eperleques. Dus castrum Fethna lag in Eperlecques. In een oorkonde uit 834 wordt gezegd dat het castelloTraiectum in de gouw Nifterlaca lag, dus ook het castello Traiectum (volgens Delahaye Tournehem) lag in Eperleques.
Bovendien beweert Delahaye dat Fethna een andere naam is voor de rivier Wittea. En het “Interlake” van Delahaye wordt in geen enkel afschrift genoemd. Naar mijn mening is e.e.a. weinig overtuigend. Maar het is niet mijn bedoeling om me met de visie van A. Delahaye bezig te houden.
Nifterlaca (Insterlaca) wordt in totaal viermaal genoemd. In de oorkonden van 723 en 834, en in een (m.i. onbetrouwbare) oorkonde van 975. Tenslotte wordt genoemd “de visserij in de wateren van Nifterlaca” ( soms Insterlaca) in de goederenlijst van Utrecht. Volgens Muller zijn een aantal marginale noten later toegevoegd aan de goederenlijst, o.a. de visserijen.
Ik meen dat Inster, Nister of Nifter fout gelezen zijn, de betekenis is onbekend. Ook de voorstellen van Blok, Schönfeld en Buitelaar om "Nifter" te verklaren zijn niet meer dan aannamen.
Daarom vraag ik me af of mogelijk “Nifler laka” genoemd is, maar door de twaalfde eeuwse kopiisten verkeerd gelezen. Van "Nifl" is tenminste de betekenis bekend. Groet, Hans.